maandag 27 mei 2019

Mits







Bij een genoeglijke wandeling langs bos en hei passeren mijn vrouw en ik een bordje waarop staat dat in het achter het bordje gelegen gebied honden los mogen lopen, mits zij geen overlast veroorzaken. Wij barsten altijd in lachen uit bij dat soort bordjes, al is het ook als een boer met kiespijn. Dat soort bordjes gelden meestal namelijk alleen voor de mensen zónder hond. Het mag inmiddels duidelijk zijn dat wij tot die groep behoren. Nergens tref je zoveel loslopende honden op je pad als na een bordje waarop staat dat de hond moet worden aangelijnd. Hondenbezitters laten zich niet graag de wet voorschrijven. Dat maakt het bordje waar wij nu langs wandelen ook tot een ingewikkeld bordje. Want wie bepaalt wanneer de hond overlast veroorzaakt? En wie gaat het baasje of het bazinnetje daar dan op aanspreken? En heeft u dat wel eens geprobeerd? Een hondenbezitter aanspreken op zijn gedrag? Of dat van zijn hond? Wij raden dat niet aan. Dat kan uw dag goed verpesten. Daar houden hondenbezitters nog minder van dan van bordjes. Dat blijkt ook nu weer, uiteraard, anders zou ik er niet over beginnen.
Het leuke van wandelen, vinden wij, is dat je onderweg van alles ziet. Niet alleen weidse landschappen, wolkenluchten en vergezichten, maar ook een specht die wegschiet, een bloemetje waar je de naam niet van kent of een mestkever die de grootste moeite heeft met de klus die hij moet klaren. De ingang van een hol, en de vraag die dat oproept van welk dier dat zou kunnen zijn. Dingen waar je bij stil blijft staan. Om er even wat langer naar te kijken, elkaar er op te wijzen, het er even over te hebben. Dingen waarvoor je dan wel eens door de knieën gaat, omdat het zo klein is. Iets waar je even bij gaat zitten, omdat het zich op de grond afspeelt. En als er dan plotseling een vrij grote hond uit het niets de hoek om komt draven en in je gezicht gaat staan blaffen, dan ervaar je dat als overlast. Wij wel tenminste. Dus daar gaan we.
Inmiddels hebben zich nog twee honden gemeld die weliswaar niet blaffen maar het wel duidelijk met hun soortgenoot eens zijn. Dan pas komen de baasjes de hoek om, waarvan er één nogal bars roept dat ‘er niks aan de hand is’. We hopen dat dat tegen de hond is, maar omdat we zelf net iets snauwerigs tegen de hond zeggen weten we dat niet zeker. Het lijkt ons wel een mooi moment om de baasjes er, het bordje van daarnet indachtig, op te attenderen dat wij het niet erg prettig vinden om zo intimiderend te worden toegeblaft. Dom natuurlijk, dat weten we zelf ook wel, maar je flapt er wel eens iets uit. Wat hadden we verwacht? Dat de baasjes ons gelijk zouden geven? Begrip zouden tonen? Zich zouden verontschuldigen en de honden bij de halsband zouden nemen? Nee, zo gaat dat niet. De baasjes vinden het maar flauwekul want wie gaat er nou op de grond zitten? Daar schrikt de hond toch van? Dan weet de hond toch ook niet meer waar hij aan toe is? Zeikerds, zijn we.
En dan zijn wij natuurlijk uitgepraat, want wat moet je daar nou nog tegenin brengen?

Ook gepubliceerd op De Vrije Wandeling, weblog van een wandelaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten