dinsdag 20 december 2011

Jan?! Piet?!

Toen de man nog maar een mannetje was, en hij speelde met zijn autootjes, met zijn broers, dan heette hij Jan, of Piet, en dan ging hij op vakantie, met zijn autootje. Heel veel rondjes over de streep in het tapijt. Dat zeiden ze dan ook tegen elkaar, zijn broers en de man.
Piet, ik ga op vakantie.
Okay Jan, ik ga mee.
En dan gingen ze. Broembroem. Onderweg kregen ze dan lekke banden, of motorpech, of ze waren verdwaald.. en dan praatten ze dáárover. En als ze er eenmaal waren, gingen ze na kort overleg weer terug.
Jan en Piet.
Die kwamen er bij zijn jongens niet meer aan te pas, die twee. Ook niet als ze met de autootjes speelden, trouwens. Maar achter het onvermijdelijke scherm hoorde de man nu soms helemáál heel andere gesprekken.
Ben je nou bijna dood?
Gast..! Nét was ik dood, nu niet meer.
Wanneer was je dood dan?
Toen jij me zielig vond.
En dat was dan nog één van de onschuldigste varianten op het thema. En dan hadden ze nog alleen de zogenaamd onschuldige spelletjes in huis, met alleen maar Legomannetjes.
Het was natuurlijk weer ouwemannengezeur, en hij zou zich er wel weer geen zorgen over hoeven maken.. Maar toch..

4 opmerkingen:

  1. Nog geen Zombies and Plants gekocht? Dat klinkt ook heel bijzonder met dat zachte stemmetje van mijn onschuldige achtjarige...

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Gast! Ik dacht dat dat typisch van hier was. Toch niet dus.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Gast! Dat is met de middelbare school meegekomen. Nu weten we waar het vandaan komt.
    Zombies en Plants, dat klinkt ook heel gezellig inderdaad.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Hier in huis ook iemand die al ontzettend veel levens heeft gehad. En stiekem maak ik me toch ook zorgen, hoor.

    BeantwoordenVerwijderen