maandag 5 maart 2012

Het naadje van de kous

Het bleef toch een moeilijk te doorgronden verschijnsel, die emancipatie. Voor een man dan. Vrouwen hadden er uiteraard geen moeite mee, want die hadden het uitgevonden, die wisten precies hoe het zat. Die kenden het naadje van de kous, zogezegd. De man daarentegen, stond nog regelmatig voor verrassingen. Zelfs bij zijn eigen vrouw. Terwijl ze de rollen nu toch al bijna vijftien jaar geleden definitief hadden omgedraaid. Tot beider tevredenheid, overigens.
Al die tijd was de man als volledig doorgeëmancipeerd huisvader de hele week thuisgebleven met de kinderen, hun poepluiers en de afwas. Had hij boodschappen gedaan, eten gekookt, de vloer aangeveegd, pleisters geplakt, boterhammetjes gesmeerd, appeltjes geschild, bedden verschoond, boekjes voorgelezen, naar zwemles heen en weer gefietst en naar school, ramen gelapt, de plee schoongemaakt.. gezorgd en gesloofd, kortom. Als een echte vrouw, bij wijze van spreken.
En al die tijd had zijn vrouw de gelegenheid gehad zich onbelemmerd op haar carrière te storten, wat ze dan ook vol enthousiasme had gedaan. Als een vent was ze door het glazen plafond gebroken, waar de man dan thuis vreselijk trots op zat te zijn, al moest hij tegenwoordig ook regelmatig maar weer afwachten of ze vandaag op tijd terug was voor het eten.
Ook op andere terreinen had ze haar mannelijke kanten tot volledige bloei kunnen laten komen. Als ze thuis kwam van een paar daagjes weg struikelde de man nog dagenlang over de slaapzak en de onuitgepakte weekendtas, die ze direct achter de deur in de gang had neergegooid. Als ze ziek was nam ze tegelijkertijd het bed, de bank en álle stoelen in beslag, met véél extra dekentjes en overal pannetjes en emmertjes voor je weet maar nooit en vooral ook veel klaaglijk zuchten en kreunen en steunen. Elke ochtend bracht de man de onderbroek waar ze die avond uitgestapt was naar de wasmand en als de kinderen in bed lagen, lag zij snurkend op de bank met de tv aan. Om maar eens een paar voorbeelden te noemen, zo in het wilde weg. De man klaagde er niet over, hij stelde het vast. Ook zijn vrouw, wilde hij maar onderstrepen, was volledig doorgeëmancipeerd.
Daarom was hij ook zo verbaasd dat zij hem, op toch ook nog licht verontwaardigde toon, vroeg wanneer hij eigenlijk van plan was háár fiets te repareren.
Dat ze dat toch makkelijk zelf kon, als geëmancipeerde, onafhankelijke vrouw, hielp hij haar dus voor de zekerheid herinneren. Dat híj dat immers niet voor haar hoefde doen.
En dat had ze ter harte genomen, want nu was haar fiets gerepareerd. Door de buurman. Die had ze, op ongetwijfeld geëmancipeerde wijze, wél zo ver gekregen.

6 opmerkingen:

  1. Kijk, daarom neem ik poepluiers, waterpokken, snurkende man over volle lengte bank, zenuwinzinkingen en een toekomst zonder pensioen maar voor lief.

    Want een fiets repareren, nee.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ik weet plots weer waarom ik de was en de plas altijd voor mijn rekening heb genomen: onze buurman is namelijk niet zo handig.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Bij ons plakt de buurvrouw mijn band. :-)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Zowel de fiets en het huishouden door anderen laten doen, lijkt me nog het meest ultieme.

    BeantwoordenVerwijderen