maandag 20 februari 2012

Pisboogjes

Dan moeten we maar in de sloot pissen, bravourde zijn jongste zoon, mede namens zijn vriendje. Ze hadden blijkbaar samen hoge nood en uit de wc klonk inderdaad al een tijdje een weinig hoopgevend geneurie en geritsel van stripboekjes van iemand die zich duidelijk niet liet opjagen. En door de achtertuin van hun huis op het platteland líep dus een sloot. Vandaar: dan moeten we maar in de sloot pissen. En vandaar ook pissen, want in een sloot plas je niet, daar pis je in. 
Hij toeterde het stoer de kamer in, om indruk te maken op zijn lachende vriendje en waarschijnlijk in de geruststellende veronderstelling dat papa hier toch zijn ‘niks daarvan’ over uit zou spreken. En dan had hij het toch maar mooi gezegd. Maar dat deed papa dus niet. Papa zei: je gaat je gang maar. In de even geruststellende veronderstelling waarschijnlijk dat ze dat toch niet zouden durven.
Dus daar stonden ze. Met z’n tweeën. Aan de rand van de sloot, in de bekende houding. Het jongensachtig geklater werd ruimschoots overstemd door een meisjesachtig gegiechel.

1 opmerking:

  1. Weten we ineens waarom het ijs aldaar niet dik genoeg was om de elfstedentocht te laten doorgaan.

    BeantwoordenVerwijderen